Verder leven met een ICD

Het apparaat is geplaatst, de wond is gedicht. De eerste weken gaan voorbij, en het went misschien al een beetje. En nu? Wat kun je precies verwachten? Wat moet je weten? En wat doe je als het apparaat een schokje afgeeft?

Draag je ICD-gegevens altijd bij je

In het ziekenhuis heb je een ICD-pas gekregen. Daarop staan gegevens over de ICD en je behandelend arts. Het is verstandig om deze pas altijd bij je te dragen. Je kunt ook een alarmpenning overwegen, een SOS-talisman of een healthband.

Wanneer bel je de cardioloog?

Bel altijd met de cardioloog als:
– de ICD een schok heeft afgegeven;
– je zelf merkt dat je een ernstige ritmestoornis hebt;
– je buiten bewustzijn bent geraakt (ook als dat kort duurde);
– de ICD piept om aan te geven dat de batterijen opraken;
– er ontstekingsverschijnselen zijn in de borst of buik. Dat kun je merken aan een rode en opgezwollen huid;
– je een andere medische ingreep moet ondergaan.

Weer aan het werk

Om de wond rustig te laten genezen, is het vaak het beste om in de eerste periode niet te werken. Overleg tijdens de eerste controle na de operatie wat een goede vervolgstap kan zijn. Werken kan na het eerste herstel meestal weer prima. Maar soms zijn er omstandigheden die om aanpassingen vragen:
– Apparatuur in werkplaatsen of fabrieken, grote generatoren, krachtcentrales en inductieovens kunnen de werking van de ICD beïnvloeden. In zo’n situatie is het verstandig om de werkomgeving eerst te laten controleren op veiligheid.
– Maak je voor je werk gebruik van een auto, houd dan rekening met de voorwaarden die hieraan gesteld zijn voor ICD-dragers.
– Werken op ladders of grote hoogten is risicovol. Door hartritmestoornissen en duizeligheid bestaat de kans dat je het bewustzijn of evenwicht verliest. Overleg met de werkgever of arbo-arts welke aanpassingen nodig zijn.

Weer sporten

Als de wond goed hersteld is, kan er weer gesport worden. Overleg altijd met de cardioloog wat voor jou de beste mogelijkheden zijn. Bij bal- of vechtsporten kan een bal, een trap of klap op de plek van de ICD pijnlijk zijn. Meestal gaat de ICD er niet van kapot. Er kan wel een elektrode beschadigen. Daarom is het overleg met de cardioloog belangrijk. Omdat de kans bestaat dat je even het bewustzijn verliest, kun je activiteiten als zwemmen of bergbeklimmen beter even laten. Of in ieder geval, goed gezekerd, samen met anderen doen.

Controles

Voor de controle van de ICD ga je langs de cardioloog en de ICD-technicus. Meestal is dat twee keer per jaar. De ICD-technicus controleert de batterij, instellingen en of de ICD goed werkt. De cardioloog controleert het hart en het hartritme. En leest de gegevens uit het geheugen van de ICD uit, om te zien of deze goed heeft gewerkt. De levensduur van de ICD’s is vijf tot tien jaar. Vervanging gebeurt ruim op tijd, voordat de batterij leeg is. Als na controle blijkt dat de elektroden nog goed werken, dan worden deze weer aangesloten op de nieuwe ICD. Af en toe komt het voor dat de elektroden toch vervangen moeten worden.

De invloed van telefoons en andere apparaten

Hoe reageert mijn ICD op straling? Op veiligheidspoortjes? En medische apparaten? Logisch dat zulke vragen af en toe in je opkomen. Moderne ICD’s zijn goed beschermd tegen invloeden van buitenaf. Een sterk elektromagnetisch veld kan de ICD toch storen. Meestal is dit tijdelijk: door weg te lopen van het apparaat, werkt de ICD direct weer normaal. Meer over de precieze invloed van verschillende apparaten, lees je op de site van de Hartstichting. Raadpleeg bij twijfel je arts.

Harteraad beweegpartners

Nadat je ICD is geplaatst, volgt een periode van revalidatie. Eerst onder begeleiding, daarna moet je het zelf doen. Maar heb je wel voldoende vertrouwen in je lijf? Hoe ver kan je gaan? Wat zijn goede oefeningen voor jou? Harteraad werkt met ruim 230 gecertificeerde beweegpartners door het hele land. Zodat jij op een veilige manier kan bewegen. Kijk op de Hart&Vaatwijzer om een beweegpartner bij jou in de buurt te vinden.